Als iemand wat overkomt wordt er altijd gezegd, “schrijf het van je af”. In mijn 66 jaar leven heb ik al heel wat meegemaakt en dacht ik door de wol geverfd te zijn. Maar dan gebeurt er toch iets in je leven, dat je niets hebt aan al die ervaring, omdat het zo dichtbij komt en emotioneel is. Je komt er heel direct ook nog eens weer achter hoeveel je nog steeds na 48 jaar, ondanks allerlei upps en downs, om iemand geeft.
Ik kom aan het woord Trauma, omdat, dat op de deur van de behandelruimte in het ziekenhuis stond: “Traumakamer 1”. En in 1 keer realiseerde ik mij, dat er 2 mensen met een trauma zijn. Mijn wederhelft, met de butsen op haar lijf en in tussen de oren. Ik heb het nog maar even opgezocht en ja hoor, het kan zowel lichamelijk, als geestelijk zijn. Dus heb ik huiswerk te doen en ga ik de raad maar opvolgen door te proberen het van me af te schrijven. Dat kan ook alleen maar door te vertellen, wat er in mijn hoofd gebeurt. Ik ben vreselijk bang geweest om iemand te verliezen. 15 afschuwelijke minuten. Je hoort “Bang”, roept de naam van je vrouw en hoort ergens ver weg gekreun. En dan kijk je van de trap naar beneden, een aanblik, die ik nu al twee dagen elk moment terug zie, als ik mijn ogen dicht doe. Gelukkig het maakte geluid. Maar geen contact. Na een aantal minuten wel wat reactie op mijn aandringend vragen. Opluchting twee, er is wat reactie. 112 bellen en wat vragen beantwoorden. De antwoorden daarop gaven weer iets meer rust. Mijn wederhelft met heel veel moeite in een stabiele houding gekregen. (wat is een mens zwaar als het niet meegeeft). In paniek de buurvrouw uit bed gebeld, die verpleegkundige is. Die kwam aangerend en dat was ook het moment dat Trijnie op een gezicht reageerde, en, typisch Trijnie< als eerste boos reageerde, dat ik de buurvrouw had wakker gemaakt. Gelukkig, daar was ze weer iets. Ondertussen duurt het voor je gevoel eindeloos voor de ambulance er is. Daarna ging het vlug. Wat zijn die jongens goed zeg. Alles wordt gestabiliseerd, pijnmedicatie en infuus gegeven. En inschatten hoe erg het is. Ik zag ze kijken naar de trap en hoe Trijnie erbij lag en denken: “die is compleet over de kop gegaan en dat niet alles stuk is of dat ze überhaupt nog leeft”
Naar het ziekenhuis, waar mijn jongste zoon ook was gearriveerd, eindelijk iemand waarbij je even je angst kwijt kan. Na heel veel foto’s, MRI-scans en onderzoeken het verlossende antwoord, dat er…… hoe is het mogelijk, niets kapot leek. Wel nog een gescheurde lip, die gehecht werd en allemaal butsen. Morfine ingespoten en naar huis. Mijn zoon ging weg, toen we ma in bed hadden gekregen. Een gerust stelling was er wel, ze zat al weer redelijk in de weerstand. Daarna ging ik helemaal emotioneel onderuit en heb dat heerlijk in mijn eentje kunnen doen. Dan komt toch de volgende avond dat je naar bed moet en ik durfde niet. Ik wou Trijnie wel aan mijn vastbinden om het in de klauw te houden. Nee Henk, loslaten!!!! Maar ik durfde geen slaaptablet te nemen. Jeh, wat ben ik bang geweest haar te verliezen en het drukt je toch gelijk op een ander gegeven, wat een ieder van ons onderdrukt. Het gaat tussen nu en zoon 20 jaar toch een keer gebeuren.
Nu de 2e dag komen alle spieren tot rust en is er echt pijn, maar…..ze is er nog!!!!! Wat ik nooit in mijn blog’s doe, nu wel even. Dank aan allen die er waren, toe ik het nodig had. Ik ben er nog niet, maar het verwerken is begonnen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *