Al vaker heb ik gewezen op de veelal vervelende gevolgen van de onzorgvuldige decentralisering van een aantal uitvoeringstaken. Met name doel ik dan op de WMO en Jeugdzorg. Het grootste probleem is, dat het een verkapte bezuiniging operatie was, dus taken werden overgedragen aan de lokale overheid en die daarvoor veel minder geld ontvangen. Daarnaast zaten er nog 2 addertjes onder het gras:

  • Veel geld is niet geoormerkt en het staat dus gemeentes vrij het uit te geven aan zaken, die zij het meest opportuun vinden,
  • Een minister kwam op het idee, dat de eigen bijdrage voor iedereen aan het CAK), bij afname van een dienst gelijk moest zijn  (19.50 euro p.m.) ongeacht  wat je voor hulp krijgt, dit is het maximale wat je betaalt en niet naar draagkracht

Het is dus niet verwonderlijk, dat de gemeentes in geldnood komen, waarna de overheid, na een alarm signaal afgelopen tijd zgn. extra de portemonnee getrokken werd. Maar dit is niet structureel.

Daarnaast moet de ondersteuning van de gemeente verder ontwikkeld worden en komen er dus diverse beleid voornemens en voorstellen. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken, dat ook hierbij naar het geld wordt gekeken en dat kan ten koste van de kwaliteit gaan, CQ risico’s met zich meebrengen.

In dat kader wil ik een tweetal voornemens bespreken, die nog niet zijn goedgekeurd, maar wat wel speelt. Ik heb en klein beetje “ijdele” hoop, dat men tijdig op zijn/haar schreden terug keert.

De eerste betreft de inkoopstrategie van de gemeente ten aanzien van o.a. WMO. Anders gezegd…….op basis waarvan en hoe koopt de gemeente begeleidingsdiensten in. U kunt meer vinden op:

https://www.houten.nl/fileadmin/user_upload/Regionale_Backoffie_Lekstroom/Inkooptrajecten/WMO/Inkoopstrategie_Wmo_individuele_begeleiding_2022__juli_2021_.pdf

Goed gezien, het betreft een gezamenlijk iets in de Lekstroom gemeentes. Ik licht er 2 stukken tekst uit:

A         : Samenwerking tussen gemeenten, aanbieders en voorzieningen in het voorliggend veld is nodig om passende hulp te bieden aan inwoners in onze regio. We willen namelijk dat eerst de eigen kring (familie, vrienden, kennissen en buurtbewoners) van een inwoner wordt aangesproken en dat er gebruik wordt gemaakt van het laagdrempelige voorliggend veld. Wanneer de eigen kring en het aanbod in het lokale voorliggend veld niet genoeg ondersteuning kunnen bieden, wordt overgeschakeld naar passende (professionele) zorg in de regio. En ook wanneer er formele zorg wordt ingezet blijft het eigen netwerk en voorliggende voorzieningen tijdens het traject duidelijk in beeld en werkt de zorgaanbieder toe naar een groter aandeel van het eigen netwerk en het informele aanbod.

Wat betekent dit bij daadwerkelijke invullingen wat zijn de gevolgen:

  • Er staat dus “We willen dat eerst de eigen kring (familie, vrienden, kennissen en buurtbewoners) van een inwoner wordt aangesproken en dat er gebruik wordt gemaakt van het laagdrempelig voorliggend”. Dit is gewoon de mantelzorg, die al zo moeilijk is in te vullen en waarbij wettelijk geen drang gebruikt mag worden, en dit is een vorm van drang,
  • Indien de situatie zo is, dat er professionele hulp geboden is, dan mag je deze vraag niet eens stellen, dat kan tot levensgevaarlijke situaties leiden. Het zal tevens leiden tot extra vertraging omdat er weer een stap extra is ingebouwd, alvorens een beslissing wordt genomen,
  • Nodige hulp moet gewoon verleend worden,.
  • Het zijn hier dan weer de niet mondigen maar de zwakkeren, die zich verbaal zullen laten overdonderen en de dupe zijn. (menselijke maat?)

B         : Iets verderop in het voorstel staat iets over termijnen, derhalve de duur van de ondersteuning (inclusief geplande evaluatiemomenten) en ook hier citeer ik:

1 jaar Op relatief korte termijn wordt verandering van de situatie verwacht

1 jaar Gemiddelde duur voor ontwikkelingsgerichte ondersteuning

2 jaar Maximale duur voor ontwikkelingsgerichte ondersteuning, gemiddelde duur voor ondersteuning gericht op bestendigen van situatie

5 jaar Maximale duur voor ondersteuning gericht op bestendigen van situatie

Dit leidt bij mij tot de volgende opmerkingen:

  • Het is begrijpelijk, dat men er naar streeft om evaluatie momenten in te bouwen en niet blind eeuwig steun verleent, maar het grote, niet onderkende gevaar is ,dat de zorg (te) snel op de eigen kring wordt overgedragen.
  • Dit kan overbelasting van deze eigen kring tot gevolg hebben met alle risico’s van dien.
  • Wat, indien er na 5 jaar nog steeds hulp geboden is, dit laat zich contractueel echt niet leiden

Tot zover de beleidsvoornemens, maar ook in de uitvoering zijn er plannen, zo zijn er geluiden, dat er gedacht wordt om i.p.v. inhuren expertise en hulpverlening een experiment uit te voeren om dit door medewerkers van het Sociaal team in bepaalde gevallen te laten uitvoeren. Inderdaad de slager gaat zijn eigen vlees keuren. Het ST. staat voor het aanbieden van de hulp op juiste moment aan de juiste mensen en heeft gezien de wachttijden daar de handen vol aan. Vragen die zich voordoen:

  • Waar haal je de capaciteit vandaan
  • Wie toetst de kwaliteit
  • Hoe kun je inschatten of je een taak qua complexiteit wel of niet moet aannemen
  • Op basis van welke normen wordt bepaald of het beoogde resultaat is behaald en wie toetst dat?

Hier haal je advies en uitvoering door elkaar een heel gevaarlijk pad. Kom op je schreden terug voor er ongelukken gebeuren.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *